door trainer en coach voor mentale en emotionele weerbaarheid | nov 14, 2025 | denken, doen, hoogbegaafd, Uncategorized
Je houdt van een bal, en gaat op voetbal. Waarom? Omdat je dan met mensen samen bent die ook van het trappen tegen een bal houden.
Je houdt van het bos en hutten bouwen. Je gaat op scouting. Waarom? Omdat je dan samen bent met mensen die van hetzelfde houden als jij, en het dus leuk vinden wat jij doet, en jou dan waarschijnlijk ook leuk vinden.
Je houdt van spelen met woorden, en goochelen met logica. Je gaat op … ?????
Is er dan niemand zoals ik? Ben ik anders? Ben ik misschien gek? Ze zeggen van wel, in mijn klas. Ze vinden me raar. Soms staren ze naar me, als ik iets zeg. Ik heb besloten mijn mond te houden. Ik heb besloten niets meer te doen. Ik heb besloten me dan maar op een andere manier te laten zien., nu worden zij gek van mij..
Van groot belang voor het hongerige brein van hoogbegaafde kinderen, is de intellectuele input. Van nog groter belang voor is het leren leren. Van zelf nog groter belang van het leren leren, is het leren kennen van jezelf. En van het allergrootste belang voor het leren kennen van jezelf is
het spelen met kinderen in wie jij jezelf herkent.
Vandaar dat ik alle kinderen van club GRONDIG HB, met introducee, uitnodig voor een speelmiddag op 11 juli, elders in Monster. Zij krijgen een uitnodiging per mail. Zonder kosten, mèt ouders.
door trainer en coach voor mentale en emotionele weerbaarheid | nov 14, 2025 | hoogbegaafd, ouder en kind, school
Wie zorgt voor wie? Hij is 12 en vindt het verschrikkelijk op school, in de klas, met de meester, met de kinderen. Hij houdt, ‘wijselijk’ zijn mond. Anders lig ik eruit, kijkt niemand mij meer aan. Ze vinden me toch al een rare. Ik weet precies hoe ik me moet gedragen. Tot 15.00 uur dan. School is een andere wereld. Thuis is hij iemand anders.
Wie zorgt voor wie? Zij is moeder van een zoon van 12. Zij vindt het erg naar voor de oude meester dat alles wat hij probeert door haar zoon afgewezen wordt. Zij vindt zichzelf een lastige ouder. Ze snapt dat school zo haar best doet. Zij is moeder van een zoon van 12. Haar zoon huilt thuis en is boos en is verdrietig. In zijn tranen hoort zij de machteloosheid van de meester.
Wie zorgt voor wie? Hij is 12 en voelt zich kleiner en kleiner worden. Zijn tranen heeft hij diep weggestopt. Hij slikt ze. Hij slikt ze een voor een weg, diep weg. Woede is al helemaal verdwenen. Zijn droeve uitstraling is gewoon geworden. Voor zijn ouders, voor zijn meester, voor hemzelf.
Wie zorgt voor wie? Wie zorgt voor de meester? Wie zorgt voor de moeder? Wie zorgt voor deze jongen?
Weer gebeurt wat ik vaker zie gebeuren. Wat is jouw plek? Wat is de taak van de school? Wat is de taak van de meester? Wat is de taak van de moeder? En wat is de taak van het kind?
Moeder probeert voor de meester te zorgen. School zorgt voor zichzelf. De meester staat alleen. Moeder is er niet meer voor haar zoon, de school niet voor haar leerkracht, de leerkracht niet voor de leerling. Het kind zorgt voor de meester, de school èn zijn moeder, en houdt zich gedeisd.
Het is fijn als deze rolverwarring doorbroken wordt. En dat kan. Het is fijn als school school is en mag zijn, en zich over de leerkrachten ontfermt, meester meester is en mag zijn, en zich over de leerlingen ontfermt, moeder mama is en mag zijn, en zich over de zoon ontfermt, en het kind kind kan zijn.
Ik begin bij het kind. Wie ben jij (echt)? Wat doe jij? Wat wil jij (echt)? Dan de ouders. Dan de meester. Dan de school. De eerste stap wordt vaak overgeslagen. Ze levert een hoop op!
door Hadewych | nov 14, 2025 | angst, denken, doen, hoogbegaafd
Zo gewend om eerst te denken en dan (eventueel) te doen, bleef hij zitten, waar hij zat. ‘Ik kan het niet’ – tot – ‘Ik kan het al.’, zonder enige handeling te hebben verricht. Een gave, en een makke, want: Hoe leer ik nou….?
Fietsen leren ging als volgt. Zelf naar buiten in zijn eentje. Kijken, kijken, kijken. Staand tegen het muurtje bij de speeltuin om de hoek. Geen beweging in zijn lijf. Alleen zijn ogen gingen van links naar rechts en af en toe naar boven.
Tot het moment dat hij naar huis liep, de sleutel van de schuur vroeg, zijn fiets pakte die hij nog niet had willen aanraken, en wegreed, zeggende: Nu weet ik hoe het moet, mam.
Hoezo denken met je handen? Denken doe ik met mijn hoofd. Proberen… doe ik in mijn hoofd. Doen… ja soms, als ik weet dat ik het kan.
Dus wat doen we bij ‘de Club’ ? Doen, handelen, voelen aan het materiaal, proberen, proberen, proberen. Proberen, proberen, en proberen. Het mag niet goed gaan! Wat de uitvinding doet, wordt bekeken, getest, en verbeterd. Net zolang verbeterd totdat het nog niet goed is! Wat doen we bij de Club? Schilderen met links, en met je mond. Bouwen met kaarten die niet blijven staan. Al doende leren zoals Keepvogel en Tungsten. En Buurman & Buurman.
Wat we (of ik) willen horen in de club:
Ik heb een idee, ik weet nog niet hoe ik het moet uitvoeren, maarrrr* ik ga het toch doen! Ik ga het proberen, wel 12 keer!
Denken doe je met je handen!
*) als opstap naar: ‘ennnnn’
De Club is Club GRONDIG HB, in Monster. We komen 1 keer per maand samen in de Cultuurschuur, om met en van elkaar te leren en te winnen van onszelf! We hebben 2 groepen jongsten (van ong. 5 t/m 7 jaar), 1 groep oudsten (van 8 – ong. 10 jaar) en vanaf januari de tienerclub (voor ong. 11-13 jaar)
Hadewych Simonis is kindercoach en trainer voor denkers. In haar praktijk GRONDIG, in Monster, werkt zij met (hoogbegaafde) kinderen en hun ouders aan stevige grond onder hun voeten.
door Hadewych | mei 17, 2019 | hoogbegaafd, school, verbinding, weerbaar, Westland
In de klas doet hij niets…., wat de leerkracht zou willen dat hij doet. Hij is of heel stil, en raakt geen pen aan, of hij zet de boel op stelten. Deze jongen heeft zich goed gewapend. Gewapend tegen de vijand. Hij heeft zichzelf goed verschansd. Kleine grote legeraanvoerder, in zijn fort.
Natuurlijk. Het is zijn redding, puur lijfbehoud. Helaas mogen we niet meer zien wie hij echt is…. Hij weet het zelf bijna niet meer ….
Ik heb met hem, en met inmiddels een héleboel andere strijdbare strijders, zijn fort verkend, zijn wapens verkend, en dat wat achter zijn schild en in zijn harnas verborgen ligt. Langzaam vond hij een weg naar buiten en een nieuwe zachtere en prettigere bescherming voor de binnenwereld. Langzaam en onzeker vond hij en vele kinderen met hem de eigen kracht en zachtheid terug.
Als hij, een stukje hij, er niet mag zijn van de buitenwereld, dan mag dit stukje er na een tijdje of soms op hetzelfde moment, niet meer zijn van het kind zelf. Het kind wapent zich en verdwijnt in zijn fort. Wat niet gezien wordt, is geheim. Wat niet gedeeld wordt, mag er niet zijn. Wat niet gezien wordt, eet jou op.
Welk stuk durf jij vandaag nog te zien van jouw leerling? Van jouw kind? Van jouzelf?
Wat laat jij vandaag van jouzelf zien?
Een ware strijder gebruikt zijn zwaard niet tégen de ander, maar vóór de weg van zichzelf naar buiten.
Hadewych, GRONDIG HB
De laatste trainingsgroepen van dit werkjaar starten komende week. Mensen op de wachtlijst krijgen komend werkjaar, na de zomervakantie, een plekje. In het nieuwe werkjaar na de zomervakantie is er weer ruimte in verschillende trainingsgroepen GRONDIG, in klas GRONDIG HB en in individuele HB-trajecten.
Weet je welkom! Je wordt gezien.
Hadewych Simonis is coach en trainer voor Gevoelige Denkers in Westland. Hoogbegaafde en hooggevoelige kinderen. In begeleidingstrajecten en trainingen werkt zij met hen, hun ouders en hun begeleiders aan grond onder de voeten. Zodat de Gevoelige Denker weer stevig staat!
door Hadewych | apr 1, 2019 | contact, Geen categorie, hoogbegaafd, opvoeden, ouder en kind, school
De jongen met wie ik sprak op een dinsdag in maart, speelde verstoppertje. Hij leek te spelen, aandacht te trekken, weg te kruipen, maar… altijd deed hij daarna heerlijk mee met het groepje kinderen van zijn plusklas. Hij leek daar toch echt wel te willen zijn. Wat deed hij toch? Was het te spannend, wel of niet opgenomen te worden in de groep? Had hij gewoon energie over? Vond hij het lastig om zichzelf echt te laten zien?
Ik vroeg het hem. Ik vind dat leuk, zei hij, maar Stach vindt mij altijd meteen, dat is stom. – Wat zou je doen als hij je niet zou vinden?, vroeg ik hem. Dan bleef ik daar. En dan weten ze lekker niet waar ik ben. En dat duurt dan heel lang. – Hoe lang? Ik heb wel eens een uur ergens gezeten. – En toen? Waren ze jou aan het zoeken of waren ze niet meer met jou bezig? Ze zaten gewoon tv te kijken. – En toen? Toen verstopte ik me weer.
– Wil je verdwijnen of wil je gevonden worden, vroeg ik?
Wat?, hij reageert licht verschrikt.
Nou gewoon, wat ik vroeg. (Natuurlijk hebben zijn oren en hersens mij gehoord. Zijn ik protesteert even, zijn ik is even in verwarring.)
Gevonden worden, zegt hij zacht. Ik wil gevonden worden.
Het doet me denken aan kiekeboe, het spelletje waar menig peuter van geniet, en heel spannend vindt. Ben ik er? Ben jij er? Ben jij er nog? Zei jij mij?
Het spelletje kiekeboe is een prachtig psychologisch spel om de aandacht op jou te richten, en bevestiging te krijgen dat jij er bent en mag zijn. Velen spelen het spel door bijvoorbeeld te laat te komen op een afspraak. Alsof ze zeggen: Kiekeboe! Hier ben ik. En de aandacht is daar.
Fijn om die aandacht te ontvangen, voor iedereen. We kunnen deze aandacht ook geven. Heel eenvoudig. Door tegen iemand te zeggen: Fijn dat jij er bent. Welkom. En de ander even aan te kijken. De hand te schudden. Te omhelzen. Een schouderklopje te geven.
Wat wil je liever? Verdwijnen of gevonden worden?
Hadewych Simonis werkt in haar praktijk in Westland met Gevoelige Denkers, aan grond onder de voeten. Zodat kinderen èn ouders hun regie nemen en zich laten zien. Ouderbijeenkomsten, coachingsgroepen, klas, trajecten en trainingen.
Weet je welkom. Je wordt gezien!
door Hadewych | dec 24, 2018 | Geen categorie, hoogbegaafd, opvoeden, weerbaar
Prikkels
Sensitief.. Hoog-sensitief, hoogbegaafd, hoogbewust, lastige prikkelverwerking.. Zaken waar ouders en kinderen met wie ik werk dagelijks mee te maken hebben.
De klei laat ons niet los
“Nu gaan we met de klei!”, riep hij plots, midden in een zin over een heel ander onderwerp (wiskunde ofzo). En gelijk had hij. Wij zouden met de klei. Dertien is hij, een stuk langer dan ik, en hij weet heel goed wat hij (niet) wil en welke afspraken zijn gemaakt in de wereld.
Maar de plasticine van de HEMA is heel erg vies. Ze plakt, of is heel droog, ze voelt vettig en eng glad op de huid en de geur is niet te verdragen. Hij en ik, we gruwelen er beide van.
Wij laten de klei los
Maarrrrrr wij zijn niet die klei. De klei is ons niet de baas. Wij zijn de baas over de klei. Wij zijn de baas over onze ogen, onze huid, en onze neus. Die klei kan de pot op. De klei kan geuren wat ze wil, maar niet in onze neus. De klei kan willen plakken en viezen, maar niet bij ons.
We willen de klei weggooien. Dan zijn we er immers vanaf! Maar de klei laat ons niet los. Gooien we de klei weg, dan is de klei ons de baas. Dat niet!
Regie
We houden het roze kleverige bolletje klei in één hand, in twee, en kneden. Zachtjes, wat harder, nog iets harder. Ver van onze neus vandaan, en iets dichterbij. Met ogen dicht, en neus dicht, en even later met ogen en neus open.
Ik ben niet de klei. Ik ben niet het plakkerige van de klei. Ik ben niet de geur van de klei. We ademen uit. We hebben onze voeten plat op de grond. We maken het bolletje klei in ons hoofd kleiner dan het is. We positioneren het in onze verbeelding verder weg. We veranderen de kleur van de klei in ons hoofd, en de geur wordt de geur van een HEMA-worst en van een pannenkoek met stroop.
Wat ik met de klei doe in mijn hoofd, daar heeft de klei niets over te zeggen!
Ik ben niet mijn kind
Zo werk ik met hem en met zijn moeder. Kan zij de geur van de klei verdragen? Kan zij haar zoon die onrustig wordt van de geur van de klei verdragen? Kan zij haar zoon die woest wordt, verdragen? Kan zij zichzelf die last heeft van de last die de zoon heeft verdragen? Wat doet zij met haar last?
Beide leren wat van hen is, en wat niet. Wie waarover de regie heeft, en waarover niet. En hoe goed het kan voelen om te griezelen van klei, omdat JIJ het bent die griezelt. En omdat JIJ het bent die actie kan ondernemen. Ik ben niet mijn kind. Ik ben de ouder van mijn kind.
Hadewych Simonis werkt in haar praktijk met ouders van Gevoelige Denkers, aan grond onder de voeten, zodat ouders èn kinderen hun regie nemen. Ouderbijeenkomsten, workshops, trajecten en trainingen.